Archief

Archive for januari, 2010

Saab en (arme) adel

januari 20, 2010 2 reacties
Vol vliegtuigheritage

Fraaie zwarte 99 turbo, een echte Saab

Met Saab is het net als met de adel. De klasse blijft, maar – als je pech hebt – zijn op zeker moment de centen op. En moet je een andere koers varen. Dus je heerlijkheid openstellen voor het publiek, kamers verhuren, evenementen op je terrein organiseren. Of de boel verkopen. Dat doet pijn.

Saab zal altijd de eigenzinnige auto voor eigenzinnige mensen blijven. Ondanks de GM-isering waardoor de modellen wel heel veel aan een Ford deden denken. De ultieme Saab is voor mij de 900. En misschien nog de eerste 9-3. Maar al bij de 9000 ging het mis. Een FIAT Croma met SAAB-logo. Weg eigen karakter. Geen dashboard meer dat aan een cockpit doet denken. Of een voorruit die zo rond loopt dat je het gevoel hebt in een vuurturen te zijn aangeland. Met het perfecte uitzicht dat daar bij hoort.

Of hij zich zorgen maakte, vroeg de krant aan een bekende Haarlemse Saabdokter. Helemaal niet, zei hij. Aan de oudere modellen heeft hij nog jaren werk. En plezier. Want onderdelen, ach, die zijn gewoon beschikbaar. En het blijven bewerkelijke auto’s, die Saabs. Waar is je mooie Saab, vroeg ik iemand van de tennisclub die opeens in een Focus arriveerde. ‘Ik wilde een auto, geen project’ excuseerde hij zich.

Categorieën:auto's Tags: , , , , ,

Natuurlijk mag je een brief met ‘ik’ beginnen!

januari 7, 2010 Plaats een reactie

Mag je een brief met ‘ik’ beginnen? Maar natuurlijk! Op school leerde je dat een brief met ‘ik’ beginnen onbeleefd is. Je zet jezelf te nadrukkelijk op de voorgrond en dat hoort niet.

Ik roep al jaren dat je heel goed een brief met ‘ik’ kunt beginnen zonder er een egodocument van te maken. ‘Ik ben niet zo’n schrijver, maar toen ik zag dat u buschauffeurs zoekt dacht ik nu moet ik een brief schrijven.’

Neêrlands best schrijvende ambtenaar Renze Brouwer opent zijn winnende brief met ‘Ik krijg regelmatig brieven van burgers met vragen over voedsel, maar deze vraag is wel heel interessant.’ Hij schrijft uit naam van de minister van landbouw, natuur en voedselkwaliteit, Gerda Verburg. En Verburg reageert op de brief die de 12-jarige Gia schreef aan de koningin. Hij vroeg hoe hij kon zien of er varkensvlees zit in producten. Van de etiketten wordt hij niet veel wijzer.

Brouwer schrijft een uitgebreid en sterk antwoord. Een mooie afwisseling van korte en lange zinnen. ‘Omdat jouw vraag over voedsel gaat, heeft de Koningin mij gevraagd om deze zo goed mogelijk te beantwoorden. Dat doe ik graag.’ Geen Jip en Janneke taal, maar een helder antwoord.

‘Maar er kunnen ook hulpstoffen in producten zitten die gemaakt zijn uit delen van het varken. Je noemt zelf al gelatine (…) Dat is lastiger te herkennen op het etiket.’

Een voorbeeld voor iedereen die een brief schrijft namens de overheid of een organisatie. Vertel gewoon hoe het in elkaar zit, zonder onnodige moeilijke woorden. Houd het simpel.

Overigens vind ik dat de briefschrijver ook een prijs moet krijgen. Gia schreef een nette brief waarin ook de volgende hilarische passage voorkomt: ‘Dus als dat vet nou van een varken is, dan ben ik eigenlijk mooi de lul.’

Rembrandt Bugatti’s Elephant

januari 3, 2010 Plaats een reactie

Bij Rembrandts Olifant (of Rembrandt’s Elephant) denk je aan de tekening die Rembrandt van Rijn in 1637 maakte van een olifant. In het boekje Droomauto’s kom ik een heel andere Rembrandt’s Elephant tegen.

Rembrandt Bugatti's Elephant

De olifant van Rembrandt Bugatti op de Bugatti Royale

De jongere broer van Ettore Bugatti, ja die van de auto’s, heette Rembrandt. En deze Rembrandt, een kunstenaar, maakte een bronzen olifantje dat op de achterpoten staat. Kopieën van dit beeldje sierden de radiatordop van de Bugatti Royale, een vorstelijke auto uit het begin van de vorige eeuw.

De ideale auto voor Cruella de Ville...

Ook wel bekend als de Type 41, deze Bugatti Royale uit de jaren '30 van de vorige eeuw.

Overigens liep het met het artistieke broertje van de autobouwer niet goed af. Rembrandt Bugatti verhuisde in 1904 met zijn familie naar Parijs om te studeren aan de Société Nationale des Beaux-Arts. Drie jaar later verkaste hij naar Antwerpen en daar maakte hij, naast vele andere werken, het bronzen beeldje van de olifant.

Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, werkte hij als vrijwilliger in het Rode Kruis ziekenhuis in Antwerpen. Het leed dat hij daar zag, raakte hem diep. Bovendien werden veel dieren in zijn geliefde dierentuin afgemaakt. Hij raakte in een depressie, kon het ook financieel niet meer bolwerken en maakte in 1916 een einde aan zijn leven.

De creaties van Rembrandt Bugatti – leeuwen, apen en andere dieren – zijn gewilde objecten bij kunstliefhebbers.