Brittcyclopedie 6 / Downton Abbey

januari 4, 2012 Plaats een reactie

Beste Britse tv-serie ever: Downton Abbey

Downton Abbey kost een miljoen Britse ponden per aflevering. Dat maakt dit kostuumdrama de duurste tv-serie ooit gemaakt. De kijkcijfers maken de kosten meer dan goed, in Groot-Brittannië volgden tijdens de eerste serie meer dan 10 miljoen kijkers de lotgevallen van de Earl of Grantham Robert Crawley, zijn familie en zijn personeel. Downton Abbey is een fraaie mix van Upstairs Downstairs, Brideshead Revisited en Gosford Park.

Lady Mary

Lady Mary Crawley, mooie rol van Michelle Dockery

In de eerste serie draait het vooral om Lady Mary die een echtgenoot zoekt. Wanneer de geschikte kandidaten met de Titanic ten onder gaan, moet ze op zoek naar ander kandidaten. De belangen zijn groot, want haar toekomstige echtgenoot erft zowel de titel, de estate als het vermogen inclusief de inbreng van de rijke Amerikaanse echtgenote van de huidige Earl of Grantham.

De tweede serie (van 8 afleveringen) beslaat de periode van 1916 tot 1919. Van de slag bij de Somme tot en met de Spaanse griep. Als opmaat naar de derde serie fungeert de Christmas Special van 2011.
Deze extra lange aflevering speelt rond kerstmis 1919. Pas in deze special
vertelt Lady Mary haar papa dat de dode Turkse diplomaat Pumuk in haar bed de reden is om met Carlisle te trouwen, hoewel ze hem onuitstaanbaar vindt. Dat is ook de reden dat de veroordeling van Mr. Bates de kranten nog niet heeft gehaald; krantenman Carlisle heeft zijn invloed aangewend om beide vlekjes op het blazoen van de Crawleys uit de publiciteit te houden. De afwijzing en de (zeer terechte) dreun die Matthew hem toedient maken naar alle waarschijnlijkheid een einde aan de radiostilte. In Series III zien we hoe dat uitpakt.

Highclere Castle

Highclere Castle

De serie is gefilmd op Highclere Castle in Hampshire, ten oosten van London. Sinds 1679 huizen hier de Carnarvons. De 5e Earl of Carnarvon en Howard Carter ontdekten in 1922 het graf van Toetanchamon. Dat Highclere Castle (1842) qua karakter overeenkomsten vertoont met de Houses of Parliament is geen toeval, de architect van beide iconische gebouwen is Sir Charles Barry. Na het succes van twee eerste series (2010 en 2011) heeft ITV besloten een derde serie te produceren. Downton Abbey series III is te zien vanaf september 2012.

Bedenker van de ITV-serie is de gelauwerde Julian Fellowes, die ook het script van Gosford Park en Young Victoria schreef. Fellowes maakt sinds 2011 deel uit van the House of Lords, bereidt een tv-serie over de Titanic voor en werkt aan zijn versie van Shakespeare’s Romeo en Juliet.

Waarom alleen vrouwen schrijftrainingen volgen

november 9, 2011 3 reacties

Af en toe schuift een man aan tijdens de schrijftrainingen die ik geef voor SRM of De Redactie. Meestal nemen alleen vrouwen deel. Waarom? Volgens mij zijn er 5 redenen.

1 Communicatie is een vrouwenvak, althans op uitvoerend niveau. In de functie van communicatiemanager vind je regelmatig een man, als er ‘directeur’ in de titel zit, is het bijna altijd een man. ‘Communicatiedirecteur’ – stoer. Maar als het aankomt op het schrijven van intranetberichten, webteksten en nieuwsbrieven, zijn het bijna altijd de vrouwen die het doen.

2 Waarom? Ma-di-do. Maandag, dinsdag en donderdag. Drie dagen werken, ideaal voor als je ook nog tijd wilt hebben voor de kinderen, het huishouden. Een keuze die veel vrouwen maken. En als je drie dagen werkt, zit een leidinggevende functie er niet in. Wel een meer uitvoerende.

Nice pic from lifetakeslemons.wordpress.com

lifetakeslemons.wordpress.com

3 Waar vind je dan schrijvende mannen? In de journalistiek of als zelfstandige. En die volgen een masterclass of een SEO-workshop, maar geen schrijftraining op take-off of advanced niveau.

4 Zijn er dan geen communicatiemannen? Jawel, die zijn er. Ze werken allemaal als senior communicatieadviseur en vinden strategisch adviseren interessanter dan het schrijven van teksten. Als ze een schrijftraining doen, is het een in-companytraining. En dan moet het van de baas.

5 Dat brengt me op het laatste punt. Voor veel mannen is deelnemen aan een open schrijftraining een zwaktebod. Vrouwen zien dat anders. Die willen gewoon beter worden, willen leren en vinden het interessant met andere mensen over het vak te praten. Ze hebben gelijk.

John Kraaijkamp sr: Je kunt zo veel van iemand houden dat het pijn doet

“We spreken John Kraaijkamp op een prachtige winterochtend, begin 2003. De zon schittert op het dunne ijs achter het huis van de acteur die in het hele land volle zalen trekt met Gouwe Handjes, een komedie geschreven door Haye van der Heyden (…)”

Voordat ik Kraaijkamp sr mocht interviewen, vond Van den Ende Theaterproducties dat ik eerst de voorstelling moest zien.

John Kraaijkamp sr

John Kraaijkamp sr, coverfoto van Sarah Wong

Dus reisde ik naar Pijnacker of all places en zag Gouwe Handjes. Het gesprek bij Kraaijkamp thuis in Buitenveldert was bijzonder. De toen 77-jarige komiek – acteur vertelde over liefde die zo heftig is dat het pijn doet. Een thema uit de voorstelling en een rode draad in zijn leven.

Sarah Wong noemde de oude Kraaij ‘Sir John’ en legde de lach en de traan van de grote kleine man vast. De pr-mevrouw van Van den Ende zat erbij en vond het allemaal goed. Met de tekst van het interview, dat verscheen in het blad van de Anbo (april 2003), was ze ingenomen. Van den Ende verwerkte het – met onze toestemming – in het programmaboek.

En nu is John Kraaijkamp sr. hemelen. Hij moet nog even van de schrik bekomen, maar ik denk dat hij binnenkort de Bostella danst met zijn makker Rijk.

Majoor Bosshardt: ‘Een prachtig leven’

Ik geef op 30 juni in Groningen een schrijftraining aan medewerkers van het Leger des Heils. Pro deo. Dat roept herinneringen op aan de middag die ik bij majoor Bosshardt doorbracht in haar Amsterdamse woning. Kopjes thee en een mooi gesprek. Dat is de aanleiding om het interview uit 2003 als drieluikje blogsgewijs te presenteren. Sarah Wong ving de ziel van deze sterke dame in beeld. Het interview verscheen in Vizier van de ANBO.

[Interview uit 2003] Ze is 90 jaar. Glashelder en onvermoeibaar. De majoor – eigenlijk ‘luitenant – kolonel’ maar ‘zo noem je een dame niet’ – heeft een volle agenda: lezingen, interviews, fotosessies. Portret van Alida M. Bosshardt. Een geroepene.

Majoor Bosshardt

Majoor Bosshardt siert de cover van ANBO Vizier in 2003

‘Ik was een lastig kind op school. Ik spijbelde regelmatig en was een beetje brutaal. Op maandag werd ons gevraagd wat we op zondag hadden gedaan. Als ik dan vertelde dat ik met mijn vader naar de kerk was geweest – de katholieke – dan moest ik nablijven. Dus zei ik op een gegeven moment “het gaat jullie niets aan wat ik op zondag doe.” Dat namen ze me, op die christelijke school, natuurlijk kwalijk. Je moet je voorstellen, het was 1925. Toen lagen die dingen anders dan nu. Ik ging op m’n veertiende jaar in een manufacturenzaak werken voor een rijksdaalder in de week. Daarvan ging twee gulden veertig in de huishoudportemonnee, een dubbeltje mocht ik houden. Niet om uit te geven, maar om te sparen. Tot mijn achttiende heb ik handdoeken, theedoeken en schorten ingepakt. Wat betreft godsdienst lieten mijn ouders ons vrij. Mijn moeder was hervormd, mijn vader – journalist en organist – was katholiek. Ik heb daar nooit zo bij stilgestaan, maar dat was in die jaren nogal ongebruikelijk. We hoefden op zondag niet mee, maar gingen regelmatig met mijn moeder én mijn vader naar de dienst. De religie begon echt voor me te leven, toen ik een openluchtbijeenkomst van het Leger des Heils had bijgewoond aan het Sint Jans-kerkhof in Utrecht. Daar hoorde ik in eenvoudige bewoordingen waar het om draaide: God is liefde. Liefde voor je naaste. En die liefde bracht het Leger in de praktijk. Dat sprak me aan. Veel meer dan het idee van een klooster, het vooruitzicht om de hele dag alleen maar biddend door te brengen kwam me niet aantrekkelijk voor. Ik wilde aan de slag. Dat kon ik een kinderopvanghuis waar ik intern was. Ook voor een rijksdaalder in de week maar: mét kosten en inwoning. Dus ik ging er ook nog op vooruit!’

Op tafel in haar gezellige Amsterdamse woning liggen historische foto’s van Utrecht. Toegestuurd door een Utrechtse meneer. ‘Kijk, de Nagtegaalstraat, daar ben ik op 8 juni 1913 geboren op nummer 44. Ik zal hem een briefje sturen. En een boek. Ach, wilt u dat even voor mij van de bovenste plank pakken?’ De telefoon gaat voortdurend tijdens het gesprek. De majoor wordt gevraagd voor lezingen, voor interviews, voor diensten. Ze reist naar Tholen, Alphen a/d Rijn, Zeewolde en een kerkdienst in Drachten. ‘Het leek de dominee een mooi idee als ik na afloop iedereen een hand gaf, samen met hem. Maar er waren wel duizend mensen aanwezig! Ik had geen hand meer over.’ Ook op de 50-plus-beurs, onlangs gehouden in Utrecht, was de majoor present. Ze gaf een lezing over haar werk, werd geïnterviewd door Catherine Keyl en nam deel aan een paneldiscussie over geloven. ‘Dan ben ik wel moe hoor. Nog even de beurs over leek me geen goed idee. Die drukte, al die mensen die ik ken en die mij ooit ontmoet hebben. Dan vind ik het heerlijk om weer naar huis te gaan.’

 

Majoor Bosshardt 2

Ze gaat op bijna alle uitnodigingen in, maar maakt steevast een voorbehoud: ‘u moet zich realiseren dat ik 90 ben. Als ik zo goed ben als nu, dan gaat het door. Een vrijwillige bijdrage is uitstekend. De opbrengst is voor het Leger. En u betaalt de benzine van mijn auto, want die rijdt natuurlijk niet op water.’

‘Ik heb een prachtig leven gehad. Een pastoor zei eens tegen me “maar jullie mogen niet roken en niet drinken.” Nee, zei ik, maar jullie mogen niet trouwen! Dat mogen wij van het Leger des Heils weer wel. Het is wel de bedoeling dat je trouwt met iemand van het Leger. Ik had ook wel willen trouwen en kinderen willen krijgen, maar het is gewoon niet op mijn pad gekomen. Dat is aan de ene kant spijtig, aan de andere kant had ik dan al de dingen die ik gedaan heb en nog steeds doe niet kunnen doen. Je kunt niet alles hebben.’

De majoor woont sinds zes jaar in een aanleunwoning die deel uitmaakt van de Goodwillburgh, een wooncentrum van het Leger. ‘We kregen de beschikking over ruim drie miljoen gulden uit erfenissen. Dat was het startkapitaal voor dit complex met 106 aanleunwoningen. Ik wilde beslist dat het in het centrum van Amsterdam kwam, want daar waren voor ouderen niet veel voorzieningen. En als je je hele leven in de binnenstad hebt gewoond, is uitwijken naar Banne of Buitenveldert geen aantrekkelijke optie. Uiteindelijk bleken we acht miljoen nodig te hebben. Het was een hele klus om het bedrag bij elkaar te krijgen, maar het is gelukt. Hoewel ik heerlijk woonde op de Wallen, ben ik ook hier naartoe verhuisd. Ik woonde driehoog, die steile trappen kon ik niet meer aan. Ik ben echt van Amsterdam gaan houden. In deze stad heb ik de oorlog meegemaakt. En hier zijn we in 1948 begonnen met het eerste Goodwillcentrum. Eerst heel klein, op de begane grond van het inmiddels bekende Leger des Heilspand aan de Oudezijds Voorburgwal. Later konden we de bovenste verdiepingen erbij betrekken en verder uitbreiden.’

Foto bij het interview uit 2003

Sarah Wong fotografeerde majoor Bosshardt

Is het moeilijk nieuwe krachten voor het Leger te vinden? ‘Er zijn weinig jonge mensen die nu een loopbaan als heilsoldaat kiezen. Jongeren hebben andere interesses, ze zijn beter opgeleid en veel meer mogelijkheden dan toen ik een keuze moest maken. Ook de instroom van nieuwe officieren loopt terug. Het werk van het Leger is nu wel anders van opzet dan vroeger. In veel van de projecten die we opzetten, werken mensen die geen lid zijn van het Leger maar wél de doelstellingen onderschrijven en gewoon voor een salaris of een vergoeding werken. En dat kan natuurlijk ook.’

Majoor Bosshardt 3

Een belangrijk instrument van het Leger is het evangelisatieblad De Strijdkreet dat de soldaten in cafés verkopen. Historisch is de foto uit 1965 (opgenomen in de jubileumuitgave van het Amsterdamse Goodwillcentrum) waarop de majoor gearmd met prinses Beatrix, voor de gelegenheid vermomd met bril en pruik, een ronde maakt door de binnenstad. Verkoopt de majoor nog Strijdkreten? ‘Nee, daar ben ik mee opgehouden omdat ik minder goed ben gaan lopen.’ Maar majoor Bosshardt heeft deze woorden nauwelijks gesproken, of ze staat op om een paar exemplaren te pakken. Het blad is nadrukkelijk met z’n tijd meegegaan en brengt nieuws over het werk van het Leger in binnen- en buitenland. Iedere twee weken verschijnt een nieuw exemplaar.

Heeft de majoor nog een advies aan vutters en gepensioneerden? ‘Jazeker. Blijf bezig. Ga aan de slag in het vrijwilligerswerk, dan zorg je ervoor dat je niet indut. Veel mensen raken na hun pensionering echt het contact met het gewone leven kwijt, en dat is helemaal niet nodig. Als je vrijwilligerswerk doet, lever je bovendien een belangrijke bijdrage aan de samenleving. Verder hoop ik dat velen willen of leren geloven in God de Eeuwige.’

Alida M. Bosschardt. Een bijzondere vrouw die even gemakkelijk met een dakloze praat als met de koningin. Een heldere geest die situaties snel analyseert, van aanpakken houdt maar nooit oordeelt over mensen. ‘Als iemand hulp nodig heeft, moet je helpen. Nee, ik veroordeel mensen niet om hun keuzes. Die moet je respecteren. Maar ik zeg drugsverslaafden, dak- en thuislozen en prostituees wel dat ze een beter leven verdienen.’

De majoor in het ANBO-blad

Alida M. Bosshardt in volle glorie

Dit interview verscheen in Vizier het, ledenblad van ANBO voor 50-plussers (nu ANBO Magazine) in nummer 12/1 december/januari 2003, jaargang 25. Sarah Wong maakte de foto’s, Dolf Weverink schreef de tekst. Majoor Bosshardt overleed op 25 juni 2007 op 94-jarige leeftijd.

“Hij legt er tuchtig de pees op”: Vlaamse wielerpoëzie

april 25, 2011 Plaats een reactie

Er gaat niets boven Vlaamse wielercommentatoren bij Vlaamse wielerkoersen. Michel Wuyts en Karl Vannieuwkerke van Sporza snappen de sport, ze kennen het parcours en ze bedienen zich van mooie taal. Ik houd van die extra hulpwerkwoorden (‘gaan moeten…’) en van het originele Vlaamse wieleridioom (‘er tuchtig de pees opleggen…’). Een bloemlezing.

Fränk en Andy Schleck met 'Phil' Gilbert in de laatste kilometer van Luik-Bastenaken-Luik 2011

Twee tegen een: Gilbert wint

(Luik-Bastenaken-Luik, 24 april 2011) Er is een kopgroep weg zonder de gedoodverfde winnaar Philippe Gilbert; “…er gaan een paar ploegen zich moeten hergroeperen…” ‘Phil’ en zijn ploeggenoten “beseffen dat dit nefast kan zijn.” Daarom overlegt Gilbert met de Luxemburgse broers Frank en Andy Schleck: “Phil word nerveuzer en gaat eens kleppen met de Schlecks.”

Met nog twee stevige klimmen en enkele tientallen kilometers voor de boeg, melden de kopmannen zich aan de kop van het peloton: “de groten komen uit hun pijp.” Daar is de Valkenberg, de Roche au Faucons: “da’s een klootzakske om ’t maar eens in platte wielertermen te zeggen.” Aan de staart van het peloton heeft een aantal renners het moeilijk, ze staan op hun pedalen, en harken omhoog “met het hol wijdopen.”

De kopmannen werpen blikken links en rechts om te kijken hoe de belangrijkste concurrenten erbij zitten: “vooraan gaan ze beginnen kijken naar elkaar…” Winnaar werd overigens Philippe Gilbert die zich in de finale met speels gemak ontdeed van de gebroeders Schleck.

‘Meepoeffen en uit zijn pijp komen’

(De Ronde van Vlaanderen, 3 april 2011) In het peloton zie je de ploegen denken “We kunnen dat niet blauwblauw laten” en ze zetten de achtervolging op de koplopers in. Een heuvel blijkt voor een aantal renners behoorlijk lastig terwijl hij “niet als berg staat gecatalogeerd.”

Over favoriet Cancellara en zijn medevluchter: “Cancellara gaat ‘m daar overboord moeten gooien.” Cancellara, de Zwitserse krachtpatser, heeft zo te zien last van “fringale” ofwel hongerklop, ondanks “de reep die hij net naar binnen speelde.” Ondertussen doet hij vergeefse pogingen een gevuld bidon te bemachtigen; hij mist die van zijn eigen soigneurs en vangt bot bij de concurrentie. Hij wordt vlak voor de Muur van Geraardsbergen bijgehaald. Even later: “Ik denk dat ‘m weg is.” Maar nee, de groep is nog bij elkaar: “het hangt allemaal nog op een zakdoek.”

De sterke kopgroep stormt naar de meet. Een renner sluit aan en “poeft mee.” Voor hem moeten we uitkijken want “die weet wel te linkeballen.” De renner op kop “legt er tuchtig de pees op.” Ondertussen meldt Flecha zich van voren: “Flecha komt uit zijn pijp” en daar gaan ze “op naar de rooie vod” ofwel de vlag voor de laatste kilometer. Nick Nuyens wint voor Cancellara.

Brittcyclopedie 5 / King Charles

Royal mug

Koninklijk aardewerk met twee oren

Toen Charles zijn verloving met Camilla Parker Bowles aankondigde, daalde zijn populariteit direct. Het Diana-sentiment vertaalde zich in cijfers: 41% vond dat William zijn grootmoeder moest opvolgen, niet meer dan 37% sprak zijn voorkeur uit voor the ‘heir-to-the-throne’, Charles. The times they are changing, want vijf jaar later ziet 45% van de Britten Charles als opvolger van Elisabeth en slechts 37% geeft de voorkeur aan William.

Deze shift is het resultaat van een succesvolle pr-campagne van Clarence House. De boodschap ‘Laat deze twee jongen mensen eerst hun leven op de rails krijgen’ is aangekomen. De subboodschap ‘en een paar kinderen op de wereld zetten’ ook.

Bron:

http://www.prospectmagazine.co.uk/2011/03/monarchy-britain-popularity-royal-wedding/

Een dag uit het leven van een zzp’er (2)

Om drie uur in de auto op weg naar een afspraak. Onderweg overleg over het jaarverslag van het Wellantcollege. Ik fungeer als coach van de samensteller en als redacteur op afstand. Ontwerper Geert Gratama is er al wanneer ik in Purmerend bij De Afsprakenmakers aanschuif voor een gesprek over een spannend nieuw initiatief waarvoor Geert het beeld en ik de tekst ga ontwikkelen.

Heer met pet op rijwiel
Stijlvol onderweg

Rond zes uur op weg naar mijn goede vriend Jan Jaap in Zaandijk. Hij ontvangt mij met zijn prachtige zoon Koen op de arm; Hollands welvaren, een wolk van een kind, goed voor een eindeloze serie high fives en ondertussen het jongste lid van the PG Wodehouse Society, een heerlijke club waar Jan Jaap mij geïntroduceerd heeft. Onder het motto is ‘nothing serious’ komen de leden bijeen in Mulliner’s Winebar. Een ideale besteding van de zaterdagmiddag, een paar maal per jaar. Jan Jaap en Elaine zijn gestart met www.copysupport.com – een bemiddelings- en uitzendbureau voor copywriters. Ik had de eer de eerste opdracht uit te voeren: webcopy voor Kruidvat-verzekeringen. En daarom krijgen ze nu eindelijk dat kistje wijn dat al sinds de jaarwisseling voor ze klaar staat. Hartelijk proost!

Thuis zie ik een bericht uit Turkije. In een sms’je lees ik dat de kamer prachtig is, de Scandinaviërs luidruchtig en dat zoonlief als 8ste geplaatst is voor de kwalificaties en een bye heeft. Dus is zijn eerste partij waarschijnlijk pas op zondag. Ach, ze hebben de tijd. Pas volgende week zaterdag vliegen ze terug.

En dan komt junior thuis na een paar uur werken bij de C1000. Geen Top Gear vanavond, want hij moet voor school (aardrijkskunde) nog een opdracht over de FARC afmaken en vanavond nog op It’s Learning zetten. Na ruim een uur nemen we d’s en t’s door – ze blijven moeilijk – werpen een laatste blik op Tanja Nijmeijer, onze eigen jungleterroriste die hij heeft toegevoegd aan zijn opdracht, en uploaden het bestandje. Junior besluit gapend eens vroeg naar bed te gaan – heel bijzonder voor een 15-jarige – en verheugt zich op de cappuccino die ik hem morgenochtend op bed breng. Ook ik laat Top Gear even voor wat het is. In de mail vind ik de pdf van het personeelsblad van VvAA; helemaal gelukt, mooi werk van Rosemary. Goed weekend!

Een dag uit het leven van een zzp’er

Hoewel ik niet echt matineus ben, sta ik op half zes op. Zoon Egbert (16) speelt een tennistoernooi in Belek, een Turks golfresort vlakbij Alanya. Mariët gaat mee, net als diverse andere tennisouders. Ruim op tijd arriveren we bij Eindhoven Airport. Rolkoffers en tennistassen reppen zich richting incheckbalies. Ik zoek de A2 weer op.

Na een matig espressootje bij de Texaco en een ouderwets smerig toilet (bij Shell doen ze dat beter) ben ik al rond 9 uur in Utrecht. Bij VvAA, waar ik sinds half november een dag of 2,5 per week tekstschrijver / redacteur a.i. ben, ga ik verder met het herschrijven van een verzameling brieven over lijfrenteuitkeringen, verpanding en andere zaken die voor de ontvangers even ingewikkeld als belangrijk zijn. Meer inhoud, meer dialoog en minder lijdende en nominale vormen; dat is de gedachte, dat is het idee van mijn redactieslag. Tussendoor nog wat laatste zaken met de studio bespreken want aan het einde van de middag moeten er bij de proofreader en de communicatiemanager een complete print van de 28 pagina’s van het collegamagazine ’t Hart op het bureau liggen. Hebben ze ook iets leuks te lezen dit weekend.

Fotograaf Bas van Spankeren mailt zijn foto’s van het interview met de nieuwe bestuursvoorzitter van Boer & Croon. Ongelooflijk hoe hij de kleur van een stoel of een koffiekopje mee de foto in weet te nemen, contrast toevoegt en een businessmeeting zo weet te fotograferen dat het lijkt alsof de minister van Defensie en haar veiligheidsadviseurs besluiten om Khadaffi te elimineren. Klassefotograaf, die Bas van Spankeren.

Het is onrustig op de communicatieafdeling omdat de Telegraaf citeert uit een VvAA rapport terwijl het persbericht nog niet is verstuurd. Reuring in de tent, een mooie opmaat voor het BNR-debat van maandag over het rapport. Geld is het centrale thema; de kosten gaan omhoog, ziekenhuizen en zorgverleners moeten meer doen met minder geld. Een spagaat waar de hele sector flink onrustig van wordt.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.